Thuisverhalen deel 1: Help, de eindinspectie

De sleutel van mijn eerste appartement, mijn eerste huurwoning samen met mijn vriendin ontving ik op de drempel van de zomer in 2018. Het appartementencomplex kende ik nog van mijn tijd als schoonmaker. Goh, wat een mooie appartementen dacht ik toen. Wél duur, maar wel mooi! Een paar jaar later kregen we de sleutel van het appartement op de hoek in het complex.

Ik heb gedurende de periode dat we er samen woonden het gevoel gehad dat de woning van ons was. Mentaal eigenaar. Geen materialistisch bezit, maar wel van ons. Het is een plek geworden waar we leefden, lachten, huilden en muziek makend onze dagen doorbrachten. Eenmaal het huis ingericht, voelden we ons er steeds meer thuis. Ik kende via via nog wat mensen in het appartementencomplex. Een praatje in de galerij of lift zat er altijd wel in. In de tweeënhalf jaar dat wij er gewoond hebben, was dat ongeveer driekwart jaar in coronatijd. Daar zaten we dan, thuiswerkend aan de keukentafel en werkkamer. Contact met de buitenwereld vond vooral plaats via een beeldscherm. Zo ook het contact met woningcorporatie rond het opzeggen van de huur.

Het opzeggen van de huur verliep soepel. De corporatie bevestigde de opzegging een dag later. Enkele dagen later wisten we hoe de moesten woning opleveren. De corporatie had alle eisen op één A4-tje gezet. Dat is fijn, omdat er tijdens een verhuizing heel veel regelwerk op je afkomt. Zo kun je tijdens de oplevering van de woning de lijst erbij houden en alle klusjes afvinken. Voordat je de woning kunt opleveren, moet je eerst verhuizen. Het raarste moment van verhuizen is wanneer alle spullen in dozen zit. Dat je nog woont in je appartement, maar mentaal al vertrokken bent.

Verhuizen is een hoop gedoe. Erg prettig dus als een corporatie met je meedenkt en het je makkelijk maakt. Daar helpen de woorden ‘voorinspectie’ en ‘eindinspectie’ bepaald niet bij. Ik heb een tijdje in het onderwijs gewerkt. Zodra het woord inspectie viel, werd het vaak muisstil en liepen mensen rood aan. De inspectie. Controle. Het kan dus ook fout gaan. Dat idee krijg je als huurder ook bij dat soort termen. Een moment waarop wordt gekeken of je het wel goed gedaan hebt. Een confrontatie van belangen. Jij-tegen-ons. Terwijl we een gezamenlijk belang hebben: een voorspoedige en succesvolle verhuizing.

Ik schrok me dus ook te pletter toen ik het eindrapport van de eindinspectie van de opzichter kreeg (voelt u ze, de zware termen?). Daarbij stond dat ik nog wat kosten verschuldigd was. Al zwetend scrolde ik naar beneden. €0. Gelukkig. Ze hebben in het format alleen het geldbedrag veranderd. Niets aan het handje.

Verhuizen is coronatijd is afstandelijk. Alles verloopt digitaal en door al het regelwerk sta je misschien weinig stil bij welke historie je achterlaat in zo’n woning. Een woning waarin we zowel verdrietige momenten als ook fijne momenten hebben gekend. Ik kan me voorstellen dat je als corporatie vooral bezig bent met het technische aspect van de mutatie. Maar oog hebben voor de emotionele kant van een verhuisproces zou voor veel huurders denk ik ook fijn zijn. Een kort praatje tijdens de voorinspectie over onze woonbeleving gedurende de huurperiode vind ik al een mooi contactmoment. Dat is een vorm van gezien worden die op veel waardering kan rekenen.

Ik heb zelden een afscheid gehad bij een brievenbus. Maar in coronatijd maak ik regelmatig nieuwe ervaringen mee. Op een, wederom zonnige dag, gooiden wij de sleutelbos met 16 sleutels door de brievenbus. Jammer dat we geen contact meer hebben gehad in welke vorm dan ook met de corporatie. Een bedankkaartje was voldoende geweest.

Via de brievenbus kwam er een einde aan onze huurdertijd. We stapten snel de auto weer in. Op naar een nieuwe start. In een nieuw huis.